Kennismanagement: Slimmer organiseren

De onderzoeker Johnson heeft in een experiment aangetoond dat, evenals bij sociale insecten, een hoge mate van collectief intelligent gedrag ontstaat uit het bij elkaar brengen van kennis en dat dit leidt tot het vinden van adequate oplossingen. De essentie is dat de individuele intelligentie slechts een kleine invloed heeft op de oplossing van de groep als geheel en dat het gaat om de kwaliteit van de interacties. Een grote variatie aan oplossingen levert de groep als geheel een kwalitatief goede oplossing op. Het is belangrijker dat er mensen van diverse pluimage/achtergrond deelnemen dan dat het een selectie is van bijvoorbeeld allemaal deelnemers met hoge intelligentie. Ieder individu met een verschillende achtergrond voegt wat toe aan het geheel. De simulatie van Johnson geeft dat aan;

Johnson heeft in 1999 een doolhof beschreven, waarin agents (deelnemers) een weg door het doolhof moeten vinden. Het doel daarvan is dat de agents een sequentie aan beslissingen maken waardoor de agents bij het eind van het doolhof komen. De agents hebben daarbij geen informatie over het totale doolhof, maar alleen over hun locale situatie. Bij elke splitsing van richtingen in het doolhof wordt een willekeurige richting gekozen. Indien de ingeslagen weg niet leidt tot succes, keert de agent terug tot op het punt van de splitsing en kiest een andere route.

Na deze “trail and error” doolhofverkenning (the learningphase), doorlopen de agents het doolhof nogmaals in de zogenaamde “application phase”. Hierin wordt de door de betreffende agent gevonden optimale route aangehouden. Bij elke splitsing is onthouden welke richting leidde tot het eind. Aangezien de beslissingen willekeurig gemaakt zijn, hoeft dus niet te betekenen dat dit het kortste pad is door de doolhof. Het blijkt namelijk dat als een populatie aan agents (100-1000 deelnemers) het doolhof doorlopen er een veelheid aan oplossingsrichtingen ontstaat. Als nu per splitsing een gemiddelde genomen wordt van de individuele voorkeuren van alle agents – opgebouwd in de “Learning phase” – dan blijkt dat deze route door het doolhof de kortste is. Zelfs als uit de populatie van agents een selectie gemaakt wordt van de beste (kortste) oplossingen dan blijkt dat de gewogen oplossing van deze selectie minder optimaal is dan de oplossing van de totale populatie.

De oplossing van de totale populatie wordt bepaald door alle oplossingen op elkaar te stapelen. De totale, diverse populatie is dus in staat om een kortere route door het doolhof te genereren door diversiteit van agents. Deze vorm van collectieve intelligentie wordt onder andere ook waargenomen bij termieten.

Margaret Wheatley heeft in haar boeken aangegeven wat de principes zijn van organisaties die in de natuur in complexe omgevingen opereren. Deze principes sluiten aan bij het experiment van Johnson

  • If the diversity is explored, the organization develops a richer, wiser understanding.
  • When I m shocked at another’s position, I have the opportunity to see my own position in greater clarity. When I hear myself  saying “How could anyone believe something like that” a doorway has opened for me to see what I Believe.

De kern is dat de kwaliteit van interacties moet worden ‘gemanaged’ en dat er vertrouwen moet zijn dat een zekere massa met een diverse samenstelling met een goede oplossing komt.

De voorbeelden uit de praktijk zijn; fora waar kennis gedeeld wordt en waarbij iedere actor zijn/haar bijdrage nagenoeg belangeloos deelt. Althans zo lijkt het, maar niets is minder waar. Iedere actor weet dat het beste antwoord in gezamenlijkheid tot stand zal komen. Het belang om te participeren is te groot. Immers, de nieuwsgierigheid om te zien wat het ideale antwoord is, werkt als een magneet en als beloning voor jouw bijdrage.

VN:F [1.9.17_1161]
Rating: 9.4/10 (5 votes cast)
Kennismanagement: Slimmer organiseren, 9.4 out of 10 based on 5 ratings

Ook interessant om te lezen:

avatar

About Bernard Alfons Schoemaker

Opleiding RUL geologie en bedrijfskunde aan de interfaculteit te Delft.

Na het afstuderen werkzaam geweest bij diverse onderdelen van het ministerie van Financiën.

Sinds 1997 werkzaam bij de Rabobank, eerst op internationaal terrein bij global IT, daarna betrokken geweest bij het e-commerce project e-HRM en vervolgens werkzaam bij credit risk management als information manager. Thans werkzaam als informatie Architect bij Rabobank groep ICT  en sinds enige jaren staat interactiemanagement en wat kunnen wij leren van mieren centraal. Mieren zijn individueel dom maar samen slim, ra ra  hoe kan dat? De kern is informatie neeleggen en lezen iets dat we nu op het web veel tegen komen. In het artikel “Loslaten geeft beter resultaat”in het FD van 12-08-2010 staat daar meer over te lezen.

Tot slot;  zweefvliegen is  mijn passie.