Sinds ik weer actief ben op een opdracht, krijg ik weer te maken met een stroom aan telefoontjes, Linkedin berichten, DM’tjes, voicemails, Whatsups, SMS’jes, tweets, Facebookberichten, en mailtjes. Allemaal van werving- en selectiebureaus. Ik sta de bureaus altijd te woord en wil ze de gelegenheid geven hun “pitch” te doen. Per slot van rekening heb ik ze ook nodig als wervingskanaal.
Wat opvalt, is dat het zelden voorkomt dat een bureau aangeeft graag zaken met je te willen doen en concreet maakt waarin ze waardevol kunnen zijn. Het gros van de pitches gaat over koffie drinken en kennismaken. Vaak wordt gerefereerd aan eerdere zaken die gedaan zijn met voorgangers. Of er wordt verwezen naar een aanbeveling van een contactpersoon van enig statuur binnen de organisatie, waardoor de indruk wordt gewekt dat de kop koffie eigenlijk geen vrije keus is. En helpen willen ze allemaal.
Ik maak pas een proefrit met een auto als ik het idee heb dat ik de auto wil kopen. Dan drink ik een kop koffie met de verkoper en met een beetje geluk hebben we een deal. Ik ga echter nooit koffie drinken met een verkoper, om te achterhalen wat hij voor een mooie handel heeft.
Mijn vriendelijkheid neemt af na de zoveelste slechte pitch van een bureau. En dat is jammer. Mijn advies is dan ook om helder te maken wat je toegevoegde waarde is. Wees duidelijk, ga uit van je eigen kracht en accepteer ook een “neen”. En…drink eens thee, want koffie is slecht!
