‘TWEE MILJOEN MENSEN OP ZOEK NAAR WERK’

      Reacties uitgeschakeld voor ‘TWEE MILJOEN MENSEN OP ZOEK NAAR WERK’
Delen

‘TWEE MILJOEN MENSEN OP ZOEK NAAR WERK, STAAT DE ARBEIDSMARKT ER ECHT ZO SLECHT VOOR?’

zo vraagt Mathijs Bouman zich in zijn blog van 6 maart 2016 af. 

Mathijs Bouman:

Het lijkt een simpele vraag: hoe hoog is de werkloosheid in Nederland? Maar voor het antwoord is altijd een wedervraag nodig: waarom wil je dat weten? Wil je weten hoeveel mensen actief op zoek zijn naar werk? Wil je weten hoe krap of ruim de arbeidsmarkt is? Of ben je benieuwd naar het aantal mensen met een WW-uitkering? Bij iedere invalshoek hoort een ander cijfer, want “˜de werkloosheid’ bestaat niet.

Onbenut potentieel
Dat bleek afgelopen donderdag maar weer eens, toen de Nederlandsche Bank (DNB) een korte studie publiceerde waaruit bleek dat er veel meer werkzoekenden zijn dan het officií«le werkloosheidscijfer laat zien. Dat officií«le cijfer is nu 578.000, maar er zijn wel 3,5 keer meer mensen op zoek naar werk. Het “˜onbenutte arbeidspotentieel’ bedraagt meer dan twee miljoen.

Dat was even schrikken: twee miljoen mensen in Nederland zijn op zoek naar werk. De pers schreef paniekerig: “˜Het gaat slechter met de arbeidsmarkt dan alleen de hoge werkloosheid doet vermoeden’, en “˜De werkloosheid ligt veel hoger dan de officií«le cijfers zeggen.’ Maar die conclusies kun je uit het DNB-onderzoek niet trekken.

Actief zoeken
DNB kijkt naar de arbeidsmarkt met een zeer specifiek vraag in het hoofd: hoe ruim is de arbeidsmarkt? Als inflatiebestrijder is de centrale bank geí¯nteresseerd in mogelijke loonstijging door krapte op de arbeidsmarkt. Wat is de kans op een loongolf? Voor die vraag is het officií«le werkloosheidscijfer ongeschikt, want dat vertelt alleen hoeveel mensen actief zoeken naar werk en direct beschikbaar zijn om aan de slag te gaan. Er zijn ook mensen die wel willen werken maar niet direct beschikbaar zijn, die wel beschikbaar zijn maar nu even niet actief zoeken en mensen die al werk hebben maar graag meer uren zouden werken.

Al deze groepen bepalen mede het potentiele arbeidsaanbod, en daarmee de loondruk. Voor het beantwoorden van de specifieke vraag van DNB, is het onbenutte arbeidspotentieel een beter cijfer dan de officií«le werkloosheid. Maar wie wil weten hoeveel leed er is op de arbeidsmarkt, hoeveel mensen ongewenst zonder werk zitten en zich dagelijks inspannen om weer aan de slag te komen, kan beter het officií«le werkloosheidscijfer gebruiken.

 

 

Gezonder beeld
Ook op de vraag: hoe staat het met de arbeidsmarkt, geeft het DNB-cijfer geen goed antwoord. Daarvoor is niet alleen het potentiele aanbod, maar ook de vraag naar arbeid van belang. De werkgelegenheid groeit al twee jaar en staat weer bijna op het niveau van 2012. Het aantal vacatures neemt ook snel toe, en is zelfs al weer hoger dan in 2012. Het is allemaal nog niet fantastisch, maar geeft wel een veel gezonder beeld dan de twee miljoen werkzoekenden van DNB.

Bovendien rekent DNB mijns inziens wel erg ruim. Met name de miljoen werkenden die graag meer uren zouden willen maken, lijkt me een overschatting. Het cijfer komt uit een enquíªte van het Centraal Bureau voor de Statistiek, maar een deel dit miljoen heeft al een voltijdbaan. Als die meer gaan werken, worden dat dure overuren, die de loonkosten wel degelijk opdrijven. Een ander deel wil wel meer uren werken, maar is daarvoor niet direct beschikbaar. Het CBS zelf spreekt daarom van 585.000 werkenden die meer uren willen werken.

Rustiger aandoen
Daarnaast zijn er ook veel mensen die juist minder willen werken. Volgens de enquíªte zou maar liefst 582.000 werkenden het graag wat rustiger aandoen. In de redenering van DNB heeft deze groep een potentieel opdrijvend effect op de lonen. Maar in de analyse komen ze niet voor.

Grootste beperking van het DNB-onderzoek is dat men niet kijkt naar arbeidsschaarste in specifieke sectoren en beroepen. Lonen dalen zelden in Nederland, dus ook in een ruime arbeidsmarkt kan specifieke schaarste leiden tot een hoger algemeen loonpeil. Tien werkloze winkelbedienden wegen niet op tegen tien onvervulbare vacatures voor een lasser. Wie echt wil weten hoe het zit met de loondruk, moet daarom ook onderzoeken hoeveel moeite bedrijven hebben bij het vinden van het juiste personeel.

Bron: Mathijs Bouman

 


Delen